Geschiedenis
Sticker The City Aan de rol Zoekt en gij zult vinden

Vechten tegen de bierkaai

Zondagavond is er in Hardenberg een grote rel ontstaan naar aanleiding van een min of meer traditionele vechtpartij in het centrum van Hardenberg. Tien politiemensen van de gemeentepolitie van Hardenberg slaagden erin de menigte van ruim tweehonderd mensen uit elkaar te drijven door gebruik te maken van de lange wapenstok.HNO1976

Zondagavond om tien uur kwam er bij de politie een telefoontje binnen dat er wat broeide op het Oosteinde, waar twee bars staan. Er was echter nog geen sprake van een echte vechtpartij, zodat de politie vooralsnog niet in actie kwam, aangezien het meestal broeit in genoemde straat. Enige tijd later was het wel raak, want toen waren twee groepen jongelui (voor het merendeel boven het theewater) slaags geraakt met elkaar.

Twee agenten van de gemeentepolitie gingen poolshoogte nemen en zagen dat een jongeman één van de andere strijders met een ijzeren staaf op het hoofd sloeg. De agenten grepen de toediener van de slag en namen hem mee naar het politiebureau. Inmiddels hadden de vechtenden hun onderlinge strijd vrijwel opgegeven om zich gezamenlijk tegen de politie te keren.

In optocht trok de dronken troep naar het plein voor het politiebureau, waar de politie werd uitgescholden en met stenen werd gegooid, overigens zonder materiële schade aan te richten. Met toeschouwers erbij hadden er zich zoals gezegd meer dan tweehonderd mensen verzameld.
Burgemeester Van Spluder kwam zich persoonlijk op de hoogte stellen van de toestand. De uit zijn bed gebelde korps-chef Van Brakel sprak omstreeks elf uur de menigte toe, met gebruikmaking van een megafoon. Hij riep driemaal af dat de politie geweld zou gaan gebruiken (3X is verplicht) als men niet onmiddelijk weg zou gaan.

Dit gold ook voor omstanders, want het zou voor de politie onmogelijk zijn onderscheid te maken tussen vechtlustigen en toeschouwers. Veel succes had Van Brakel niet met zijn oproep; hoogstens werden de scheldkreten nog wat erger. Ondermeer jenden de jongelui dat het nog minstens anderhalf uur zou duren voordat de politie zou kunnen optreden, omdat eerst de Mobiele Eenheid uit Enschede zou moeten komen.

Maar daar liet Van Brakel niet op aan komen. Hij had tien agenten bij elkaar gekregen, die er met de lange wapenstok op los sloegen. Van de Hardenbergse agenten behoren er trouwens ook een paar bij de Mobiele Eenheid. De dronken lieden en toeschouwers wisten niet hoe gauw ze weg moesten gaan, toen de politie daadwerkelijk optrad.

Van vele kanten is de politie lof toegezwaaid voor deze actie, waarbij overigens niemand gewond raakte. Ook burgemeester Van Splunder stak zijn lof niet onder stoelen of banken. ‘Ik stem van harte in met het optreden van de politie. We moeten niet de mensen uit andere plaatsen de rust en orde voor eigen ingezetenen laten verstoren. De surveillance is de laatste tijd aanzienlijk versterkt. We moeten inspelen op de ontwikkelingen’.

Dat de bewoners van het Oosteinde niet zo gelukkig zijn met het rumoer dat het barbezoek veroorzaakt, is al lang bekend. De geluidshinder door de muziekinstallaties van de bars is echter minder geworden. De eigenaars zijn verplicht zich aan een bepaald volume te houden. Doen ze dat niet, dan lopen ze kans dat hun vergunning wordt ingetrokken. Over vervroeging van het sluitingsuur (van twee naar elf uur) zei bugemeester Van Splunder dat het grote moeilijkheden met zich mee zou brengen als dat zou geschieden. De bezoekers die om elf uur op straat worden gezet, zullen dan hun energie ook ergens kwijt moeten en mogelijk dat de problemen dan nog veel groter worden, aldus de burgemeester.

Hardenberg als streekcentrum krijgt steeds meer te maken met de streken van opgeschoten jeugd uit de regio. Streken die echter handen vol geld maar ook irritatie ergernis kosten. De bewoners staan als het ware machteloos tegenover de situatie zoals die in het Oosteinde is ontstaan. Amper was verleden week de promenade in Voorstraat en Oosteinde geopend, of in de nacht van vrijdag op zaterdag werden de eerste vernielingen aangericht.

rommel_Oosteinde‘Je staat er met ingehouden woede en tranen in de ogen naar te kijken als je ziet hoe die dronken kerel te keer gaan’, zegt een van de omwonenden die van dit nachtelijk gebeuren getuige was. ‘Ze trokken struiken en planten uit de bloembakken en smeten die tegen de ramen en etalages. De grote bloembakken werden gewoon op straat omgekeerd en even later leek het alsof er een ware veldslag had gewoed. En dat alles omdat die discobar hier is gevestigd waar ze zich dan ook laveloos drinken. Die bar is een enorme trekpleister voor de jeugd uit heel de regio en nu in het vakantieseizoen nog meer natuurlijk.

Het erge is dat de gemeente die gelegenheden tot twee uur ’s nachts open laat. Dan begint de ellende pas goed, want buiten gan ze zich te buiten aan allerlei ellende’. Een getuige wist het kenteken van een auto te noteren en dit aan de politie door te geven. ‘We zijn er achteraan geweest en we hebben de wagen op het juiste adres terug gevonden’, zegt inspecteur P. Gassenbeek op het politiebureau. ‘Maar op dat moment kwam er ook een melding van een aanrijding en toen moest de wagen naar Slagharen. Ze konden op dat moment ook weinig doen. Het is geen feit waarvoor je een woning binnen gaan en waarvoor je iemand in verzekerde bewaring kan stellen’.

Bij de recherche wist men van het hele geval ook weinig af. ‘De bewoners en omwonenden kunnen dan wel klagen, bij ons is er geen aangifte van vernieling binnengekomen’ zegt de recherchecommandant. ‘En wat moeten we dan? Wij kunnen er dan niet achteraan gaan’. Het geheel is een uiterst moeilijke zaak, voor omwonenden en voor de gemeente. Klagen alleen helpt niet. De politie houdt, ondanks onderbezetting door de vakantie, een extra oogje in het zeil, maar als de politie er is gebeurt er niets.

Goed, het kan preventief werken. Maar als de omwonenden er zo’n last van hebben moeten ze gezamenlijk een brief opstellen en die, ondergetekend door alle belanghebbenden, aan het college van B en W richten. Het college zal dan ons als politie vragen wat er eventueel aan te doen is en wij zullen advies uitbrengen. Dan kunnen we de mogelijkheden bekijken’, aldus een politiewoordvoerder.

Opmerkelijk is het dat de meeste overlast niet van de Hardenbergers, maar juist van die lui buiten de stad komt. Dat blijkt ook uit de vernielingen die worden gepleegd in trein en bus. Voor de omwonenden en de Handelsvereniging, die er alles aan doen om een zo gezellig mogelijke winkelstraat te hebben, is het natuurlijk een trieste zaak dat al hun werk door zo’n stel, al dan niet brooddronken lui, wordt vernield. Misschien dat er eens overleg gepleegd kan worden tussen de belanghebbenden, politie en gemeente en dat dan een oplossing kan worden gevonden?

Naar aanleiding van het krantenartikel op 24 augustus j.l. (1979) volgt er nu reactie door de Directie van de Papillon.

Als Papillon bar zijn wij een grote trekpleister voor de jeugd, dit zullen wij niet durven te ontkennen.Waarom? omdat er zoveel gevochten wordt of omdat het er zo ongezellig is? Nee, omdat het omgekeerde waar is. Wij vervullen een sociale functie omdat wij bezoekers opvangen en begeleiden. Waar moet de jeugd anders naar toe? Als bar zijnde doen wij al het mogelijke om ook buiten de bar de ‘overlast’ en het ‘vandalisme’ te bestrijden, doordat wij de volgende regel toepassen:
Diegenen die bij vandalisme zijn betrokken worden door ons geweigerd en hier houden wij ons ook aan! Wij houden ons hier nu al vier jaar aan als enige exploitant zouden wij durven zeggen.

Naar aanleiding van een handtekeningenaktie vinden wij het zeer onrechtvaardig, dat er een artikel in de krant verschijnt ten koste van onze goede naam. Deze is er volgens ons op gebaseerd, dat de Papillon Bar de veroorzaker is van de onregelmatigheden, die zich voordoen. En dat men eisen gaat stellen tot vervroeging van ons sluitingsuur vinden wij absurd. Een bar valt niet meer weg te denken in deze Hardenbergse samenleving. Wist u dat deze bar al vier jaar voor het publiek toegankelijk is zonder enige verandering in negatieve zin? Hiermede bedoelen wij, dat wij van het begin al zijn begonnen om onze naam op te bouwen. Mede doordat wij alle negatieve elementen, die zich niet aan de sociale gedragsregels kunnen houden, de toegang tot de bar ontzeggen!

Er zijn helaas veel mensen, die, zodra ze het woord ‘Bar’ horen, negatief gaan reageren. Waarom? Omdat het een hedendaags verschijnsel is. Tevens denkt men, dat na sluitingstijd de boel buiten op straat nog even kort en klein geslagen wordt. Wat speelde er zich vroeger af, toen de Oosteinde-bewoners zelf nog jong waren en het woord ‘Bar’ nog een begrip uit het Westen des lands was? De tijden zijn veranderd. Deze dingen worden helaas genegeerd. Als men dit zou gaan vergelijken met datgene wat er zich nu in Hardenberg afspeelt, valt het verhoudingsgewijs allemaal wel mee.

Het feit, dat men het politiekorps verwijt, dat ze steeds achter het net vissen is in ons geval niet waar. Door de goede contacten tussen ons en het gemeentelijke politiekorps proberen wij zoveel mogelijk van deze negatieve elementen buiten Hardenberg te houden. Bovendien worden er volgens de pers ook flesjes bier op straat stuk gegooid. Wij verkopen géén bier in flesjes!

Kris van Meerlo

Bedrijfsleider Meerlo van Papillon: Als er in Hardenberg iets gebeurt dan hebben wij het gedaan……

De mentaliteit van de Oosteinders, op enkele uitzonderingen na, laat heel wat te wensen over. Ten eerste worden wij geboycot bij elk evenement dat hier op het Oosteinde plaatsvindt. Het is ons ten gehore gekomen, dat enkele leden van de winkeliersvereniging hun lidmaatschap op zullen zeggen bij onze toetreding. Dit zal wel gebaseerd zijn op dubieuze redenen. Wij zijn óók middenstanders! Men heeft premies, door ons aangeboden, tijdens de wielerronde van Hardenberg, afgeslagen.

Wat de synagoge en het schoolgebouw betreft graag het volgende: deze historische panden maken op het ogenblik een haveloze indruk. Ligt dat aan ons? Volgens de omstanders wel! Voor ons is het helemaal een doorn in het oog. De buurt en andere Hardenbergers bewijzen het door te wijzen naar de gebroken ramen en deuren en daarna op ons pand. Wij hebben zelf meerdere malen geconstateerd, dat deze ramen niet sneuvelen na het sluitingsuur, maar door de week. Deze ramen worden veelal ingegooid door scholieren tijdens de middagpauze en na schooltijd. Dit zijn meestal kinderen tussen tien en veertien jaar. Dáár wordt niet op gereageerd! Wel wordt er een fotograaf gechartert als er tijdens de Klepperstad-evenementen een bloembak omver ligt. Dan wordt er een foto gemaakt van enige hulpvaardige buurtbewoners, die bezig zijn deze weer overeind te zetten. Na het klikje van de camera loopt men weg, terwijl de omgevallen bak de gehele dag in horizontale toestand blijft liggen, als aanfluiting voor de buurt. Misschien ook wel om ons een beetje negatief naar voren te laten komen bij de buitenstaanders. Dat is toch niet gezond! Waarom vraagt men niet om een idee ter verfraaiing van het geheel tijdens de Klepperstad manifestaties? Met een beetje meer overleg met ons, kan heel wat bereikt worden, om ongevallen bloembakken te voorkomen.

Het enige, om overlast te voorkomen, is om aan bepaalde figuren, die zich niet aan de gedragsregels kunnen houden een lokaalverbod in de plaats Hardenberg op te leggen. Moeten wij en onze klanten lijden onder het wangedrag dat plaats vindt door mensen, die allang door ons geweigerd worden en die zich bij andere exploitanten ophouden? Deze mensen zijn er de oorzaak van. Men kan beter denken dan zeggen, want wat men zegt, moet men ook kunnen verantwoorden.
Men moet de fout elders zoeken en laat het niet ten koste van ons gaan.

De heer P. Vleesman,
Oosteinde 14, Hardenberg
Bedrijfsleider Meerlo van Papillon: Als er in Hardenberg iets gebeurt dan hebben wij het gedaan……

Graag wil ik reageren op uw artikel ‘Bewoners Oosteinde en omgeving overlast beu’.
Om te beginnen vind ik dat de winkeliers erg overdrijven door het centrum van Hardenberg met het centrum van Utrecht te vergelijken en daar uitspraken over te doen als ‘Het zijn soms net wilde beesten’, of ‘ We gaan het weekeinde met angst tegemoet’, of nog sterker zelfs ‘We vragen ons elk weekend af wie is er nu aan de beurt’.

Wat ik me nu afvraag: waarom ondertekenen maar ongeveer twintig mensen de brief terwijl heel Oosteinde en omgeving de last beu is. Uit het artikel kan ik opmaken dat het maar om één bar gaat, daar er sprake was van ‘Als er nog eens winkels tegenover de bar worden gebouwd’, namelijk de Papillon. Hieruit concludeer ik dat men van bijvoorbeeld The Castle geen last of lawaai zou hebben. Degenen die dit durven te beamen zal ik vriendelijk willen verzoeken om het weekend eens langs beide bars te lopen en het aantal decibels eens te vergelijken.

Ook vind ik het bijzonder kinderachtig om deze bar letterlijk en figuurlijk overal de schuld van te geven, er kan in Hardenberg geen relletje zijn, geen ruitje sneuvelen, ook al is het achter op de markt of de bezoekers van de Papillon hebben het gedaan, en daar achteraan wordt dus automatisch de eigenaar van de bar maar de schuld gegeven. Hebben de andere bars dan geen klandizie en gebeurt daar nooit wat? Of zijn die buurtbewoners niet zo kinderachtig als die twee winkeliers op het Oosteinde die, als er wat op de straat gebeurt er altijd met de neuzen vooraan staan. En als het volgens de winkeliers binnen dan zo’n troep is, zouden de dames en heren van het Leger des Heils dan elk weekeinde weer komen om te collecteren, wat in geen enkele andere bar in Hardenberg gebeurt, en dat juist op zaterdagavond????

Tot slot wil ik dit schrijven: ‘Ik zelf ga nu al vijf jaar uit in Hardenberg, maar er is hier geen bar waar het zo gezellig is en zwaar zoveel gedaan wordt aan bijvoorbeeld Sinterklaasfeest, Kerst, carnaval en discjockey-wedstrijden en dat zullen een boel jonge mensen met mij eens zijn. Waarom zouden de jongelui anders van heinde en ver naar deze bar toekomen???  Niet om ruzie te zoeken en terreur uit te oefenen zoals de heren winkeliers denken.
Herman Beldman,
Meeuwenstraat 8, Hardenberg

’t Blijft:” vechten tegen de bierkaai”

‘Die bewoners zijn erg tolerant, ze hebben echt wel wat te verduren. Maar er valt nog weinig aan te doen’ zegt burgemeester L. van Splunder naar aanleiding van een brief die ‘bewoners Oosteinde e.o.’ aan college en gemeenteraad hebben geschreven naar aanleiding van de enorme overlast die elk weekeinde wordt ondervonden. Deze overlast wordt volgens hen (en de burgemeester onderschrijft dit) veroorzaakt door honderden bezoekers van een nabijgelegen bar die ver na middernacht de omgeving op stelten zetten, vernielingen aanrichten en kabaal veroorzaken waardoor de buurt van de zo broodnodige nachtrust wordt beroofd.

In de brief die werd ondertekend door meer dan twintig bewoners uit de buurt, noemen de schrijvers het ingooien van ruiten, het vernielen van bloembakken, het besmeuren van ramen, omgooien van hekken en het gedeeltelijk slopen van synagoge en verenigingsgebouw. De ondertekenaars vragen zich af waarom de gemeente en politie geen maatregelen nemen op grond van artikel 17 van de drank en horecawet waarin letterlijk staat: ‘Het is veboden alcoholhoudende drank te verstrekken, indien redelijkerwijs moet worden vermoed, dat dit tot verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid zal leiden’. Bovendien zou art. 31/1-f ter beschikking staan van de autoriteiten waardoor de vergunning van de bar kan worden ingetrokken.

Veel voor over
In gesprekken kunnen omwonenden hele verhalen vertellen. Hun namen willen ze echter niet in de krant hebben, bang als ze zijn voor wraakoefeningen van de bezoekers die een ware terreur zouden uitoefenen. ‘Al zouden ze al mijn ruiten ingooien en het zou daarmee voorgoed over zijn, dan heb ik het er best voor over’ zegt een van de winkeliers. Een ander valt hem bij en zegt: ‘Ik zou zo duizend gulden op tafel leggen als het voorbij zou zijn. U mag best weten dat ik met mijn vrouw soms zit te janken aan tafel als ze ’s nachts zo te keer gaan. Het zijn soms net wilde beesten’.

Elk weekend gaan de bewoners met angst tegemoet in de onzekerheid wat hen nu weer boven het hoofd zal hangen. ‘Wie is er deze week aan de beurt?’ vragen ze zich af. Het afgelopen weekeinde waren enkele bewoners getuige hoe een automaat werd vernield. ‘Met de handen lukte het niet’ vertelt één van hen. ‘Toen hebben ze bij de synagoge een tegel gehaald en daarmee een ruit ingegooid. Natuurlijk werd de hele automaat leeggeroofd’. Grieven hebben de omwonenden ook tegen de politie die, volgens hen, niet adequaat optreedt. ‘Bij die automaat hebben we ze gelijk gebeld en een signalement doorgegeven. Ze kwamen wel maar zijn niet eens uit de auto geweest’.

‘De politie treedt de laatste maanden veel harder op’, meent de burgemeester. ‘Er gaat vaak genoeg de “lange lat”over heen, maar dat kan je ook niet elke keer doen’. De burgemeester ziet ook geen heil in een vervroegd sluitingsuur zoals de briefschrijvers hebben voorgesteld.

‘……als eerste maatregel stellen ondergetekenden voor het sluitingsuur van de bar te vervroegen naar 23.30 uur. Hierdoor zullen niet direct overlast en vandalisme worden voorkomen, maar in geen geval tot diep in de nacht voortduren’. De bar is nu tot 02.00 uur open, de ellende voor de bewoners duurt dan vaak tot half drie of later.

Alcoholtoerisme
‘Daar moeten we wel mee oppassen’ meent de heer Van Splunder. ‘Als je de zaak vroeger sluit weet ik niet wat erna gaat gebeuren. Dan moet er wel overleg met de buurtgemeenten zijn en ook met ander bar-eigenaars. Anders ga je een soort -alcoholtoerisme- krijgen, net als we gehad hebben met de laatste trein naar Coevorden-Emmen. Dat was de “alcoholtrein”, maar dat gaat nu een stuk beter dankzij samenwerking van de politiekorpsen en spoorwegrecherche.

De bewoners van de Oosteinde en omgeving zullen zich nog even moeten beheersen en wachten op de procedure die nu door de gemeente in gang wordt gezet om orde en rust te handhaven. Dat is het resultaat van de besprekingen, dinsdagavond in de raad gehouden, waarbij is gebleken dat het de raad, samen met het college, ernst is met de problemen. De publikaties in de pers hebben er toe bijgedragen dat het college zeer attent is op de problematiek en zo spoedig mogelijk met de prea-advies zal komen dat in de commissie algemene zaken zal worden besproken. Deze commissievergadering zal openbaar zijn zodat alle belanghebbenden en betrokkenen de besprekingen kunnen bijwonen.bewoners beheerst u

Burgemeester mr. L. van Splunder begon de raadsvergadering met het voorstel om de brief van de ‘Bewoners Oosteinde e.o.’ in handen van het college te stellen. Ook las hij een brief voor die was aangeboden door de eigenaar bar Papillon. De burgemeester stelde voor om direct na de raadsvergadering een datum voor de commissievergadering af te spreken, maar acht het een heel moeilijke zaak om dit probleem nog in de raads(september)vergadering te krijgen. ‘De termijn is afhankelijk van de mogelijkheden om de commissie bijeen te krijgen. Maar er zit meer aan vast. Zoals bijvoorbeeld het juridisch instrumentarium dat maar héél beperkt is. Als gemeentebestuur zullen we echter niet voor onpopulaire maatregelen terugdeinzen als dit nodig mocht zijn. Een paar jaar geleden is er al een pittige discussie over dit probleem geweest en dit is nu feitelijk een uitvloeisel en uitvoering van de bekende nota “Vechten tegen de bierkaai”.

Het college is het eens met de bewoners dat er een einde moet komen aan de tolerantie. De bar-eigenaar hebben we met de boodschap naar huisgestuurd dat er nu iets moet gebeuren, aldus de heer Van Splunder die uitvoerig in ging op de opmerking van de raad.

De bewoners van het Oosteinde en omgeving hebben in zekere mate hun zin gekregen. Hoewel niet op grond van het reglement van orde is hun problematiek toch in de raad behandeld. Het optreden van B en W getuigt van de ernst van de zaak en door de publicaties van  ingezonden brieven heeft men bereikt dat dit, overigens al lang bestaande, probleem wordt behandeld.

Tact en wijsheidHiermee is in feite ook de al dan niet hele behandeling van de de nota ‘Vechten tegen de bierkaai’ in een stroomversnelling geraakt. De bewoners dienen nu echter nog even hun geduld te bewaren en de lont naar het vermeende kruitvat te doven. Het is een probleem met veel voetangels en klemmen dat nu door de vroede vaderen moet worden opgelost. Dat vereist tact en wijsheid. Dat het college, bij monde van de voorzitter, zegt niet te zullen terug deinzen voor impopulaire maatregelen mag het vermoeden rechtvaardigen dat de zaken stevig aangepakt zullen worden.

Als het college het niet alleen bij woorden laat, maar ook daden stelt die tot een algehele oplossing leiden, dan kan de rust in het centrum van Hardenberg terugkeren. Het gemeentebestuur kan er van overtuigd zijn dat de beraadslagingen met belangstelling gevolgd zullen worden.

redelijk tevredenOosteinde e.o.: “Redelijk tevreden met uitspraken in raad”

‘We kunnen redelijk tevreden zijn met hetgeen in de raad is gezegd. Hierdoor kan er weer een stukje vertrouwen in het gemeentebestuur terugkeren’. Dit is de mening van een aantal bewoners uit het Oosteinde en omgeving in Hardenberg naar aanleiding van de verleden week gehouden raadsvergadering waarin werd gesproken over de overlast van bar-bezoekers.

Over de twee ingezonden brieven zijn de  bewoners vrij kortaf. ‘Daarin staat zoveel onzin. Allemaal zaken die door ons niet zijn aangekaart en die niet ter zake doende zijn. Men schuift hierbij ons zaken in de schoenen die in onze brief aan de gemeente helemaal niet genoemd werden. Het zou beneden onze waardigheid zijn om hierop te reageren’.

De bewoners wensen ook niet verder over de kwestie te spreken. Zij wachten met spanning de gang van zaken af die nu gaat komen. De commissie Algemene Zaken zal de kwestie behandelen op 27 september óf op 3 oktober. In deze vergadering, die voor iedereen toegankelijk is, zal het beleid aan het college van B en W worden geadviseerd. Dat betekent ook dat behandeling in de septembervergadering van de raad niet gehaald kan worden en dat dit in oktober zal gebeuren.

Hangende deze procedure willen de bewoners van het Oosteinde en omgeving geen verdere publicaties doen of acties ondernemen. Als redactie respecteren wij dit standpunt en zullen de discussie rond deze kwestie hierbij dan ook sluiten. Tenzij zich nieuwe feiten voordoen die publicaties noodzakelijk maken.

Geen ontheffing meerDe commissie Algemene Zaken heeft het niet nodig gevonden om het beleid van B. en W. te beperken.
‘Ik heb nog nooit gehoord dat er klachten zijn gekomen uit campings, clubhuizen en dergelijke. We hebben het toch puur over de overlast?, vroeg Hamhuis. De voorzitter was het hier niet mee eens.
‘Dan hadden we die hele nota niet hoeven te schrijven’ aldus mr. Van Splunder. ‘Dan zou de nota een veel smallere basis hebben. Het is niet reëel om te zeggen dat het alleen om het Oosteinde gaat en het is ook niet de bedoeling om alles op het sluitingsuur te concentreren’. De commissie wees dit punt van de hand, met uitzondering van het GPV.

De volgende vraag was van wezenlijk belang voor de tientallen toehoorders. De regeling ten aanzien van het sluitingsuur. Tot op heden geldt een sluitingsuur van 0.30 uur tot 06.00 uur met uitzondering van bars die tot 02.00 uur geopend mogen zijn. ‘Door de hardheid des harten in Hardenberg is een sluitingsuur nodig’, zei de voorzitter. ‘We hebben nu een algemeen sluitingsuur dat geldt voor héél de gemeente, dus ook de buitengebieden. Maar er zit een ontheffingsbevoegdheid in’. Algemeen was men van oordeel dat een sluitingsuur van 00.30 uur van maandag tot en met vrijdag reëel is en dat het, gezien de zondagsrust, op zaterdag en zondag op 24.00 uur gesteld moet worden. ‘De overlast is nu te groot, de bewoners moeten er ook kunnen wonen’, aldus Zuidema.
Toehoorders raadsvergadering
Strijders vóór en tegen de bierkaai in het gemeentehuis.
Geldt tot op heden een ontheffingsbevoegdheid voor de burgemeester, duidelijk werd dat de commissie daar weinig meer voor voelde. De formulering in de stukken suggereerde een ontheffing voor bruiloften, partijen, uitvoeringen en soortgelijke evenementen. De burgemeester gaf de suggestie om een ontheffing alleen dan te geven als er zeer bijzondere reden voor is. ‘Ze kunnen elk evenement wel zo verkopen dat het vreselijk mooi is. De groep Normaal was ook een evenement maar normaal was het niet meer. Ik ben doodsbenauwd te moeten bepalen welke evenementen wel of geen ontheffing moeten hebben. Een bijzondere reden is het wel als bijvoorbeeld HHC tot de ere-divisie zou promoveren’. Ook de aanwezige korpschef van politie zag er niets in.

‘Met de voorgestelde regeling gaan we absoluut de boot in’ De commissie adviseerde geen ontheffingsbevoegdheden meer te geven omdat anders het sluitingsuur gemakkelijk is te ontduiken.
‘Voor mij is het niet alleen de overlast die geldt’, stelde de voorzitter. ‘De openbare orde en veiligheid langs de weg is voor mij net zo belangrijk’. Op een vraag van mevrouw Jonkhans antwoordde de korpschef dat er per jaar minstens 100 overtredingen worden geconstateerd van onder invloed een voertuig besturen en het landelijk beeld is dat 15% van alle ongevallen door alcohol (mis)gebruik wordt veroorzaakt.

Overlast ondervindt men ook door geluidshinder. Als voorwaarde wordt gesteld dat automatische geluidsbegrenzers in de apparatuur ingebouwd moeten worden. ‘Een maximum van 80 decibels is medisch verantwoord’, aldus korpschef van Brakel. Maar aan het Oosteinde moet dit lager omdat er directe omwonenden zijn. Per gelegenheid moet dit worden aangepast aan de omgeving. De commissie aanvaardde ook de verordening naar het model van Eindhoven, waarin de burgemeester bij het verstrekken van een muziekvergunning moet letten op het woongenot van de omwonenden in de omgeving van de inrichting. Ook werd nog ingegaan op de verschillende punten die de bewoners van het Oosteinde naar voren hadden gebracht. ‘Het is moelijk het wettig en overtuigend bewijs te leveren en dat is nu eenmaal nodig’, aldus mr. Van Splunder. Papillon bar krijgt geen ontheffing sluitingsuur

Mentaliteit Oosteinders‘De mentaliteit van de Oosteinders, op enkele uitzonderingen na, laat heel wat te wensen over’, schrijft de heer P.Vleesman als eigenaar van de Papillon Bar onder andere aan de gemeente. Ten eerste worden wij geboycot bij elk evenement dat hier op het Oosteinde plaatsvindt.

Het is ons ter ore gekomen, dat enkele leden van de winkeliersvereniging hun lidmaatschap op zullen zeggen bij onze toetreding. Dit zal wel gebaseerd zijn op dubieuze redenen. Wij zijn óók middenstanders! Men heeft premies, door ons aangeboden, tijdens de wielerronde van Hardenberg, afgeslagen’.

‘Wat de synagoge en het schoolgebouw betreft graag het volgende: deze historische panden maken op het ogenblik een haveloze indruk. Ligt dat aan ons? Volgens de omstanders wel! Voor ons is het helemaal door te wijzen naar de gebroken ramen en deuren en daarna op ons pand’.
‘Wij hebben zelf meermalen geconstateerd, dat deze ramen niet sneuvelen na het sluitingsuur, maar door de week. Deze ramen worden veelal ingegooid door scholieren tijdens de middagpauze en na schooltijd. Dáár wordt niet op gereageerd!’

Verder schrijft de heer Vleesman ook, niet te willen ontkennen dat de Papillon Bar een grote trekpleister is voor de jeugd. Waarom? Omdat er zoveel gevochten wordt of omdat het zo ongezellig is?  ‘Nee, omdat het omgekeerde waar is.  Wij vervullen een sociale functie omdat wij de bezoekers opvangen en begeleiden Waar moet de jeugd anders naar toe?’

‘Als bar zijnde doen wij al het mogelijke om ook buiten de bar de ‘overlast’ en het ‘vandalisme’ te bestrijden, doordat wij de volgende regel toepassen: Diegene die bij vandalisme zijn betrokken worden door ons geweigerd en hier houden wij ons ook aan! Wij houden ons hier al vier jaar aan, als enigste exploitant zouden wij durven zeggen’.

‘Het enigste, om overlast te voorkomen, is, om aan bepaalde figuren, die zich niet aan de gedragsregels kunnen houden, een lokaalverbod in de plaats Hardenberg op te leggen. Moeten wij en onze klanten lijden onder het wangedrag dat plaatsvindt door mensen, die allang door ons geweigerd worden en die zich bij andere exploitanten ophouden? Deze mensen zijn er de oorzaak van’.

Horeca spreekuur kopRuim 15 “horeca-bazen” zijn maandagmorgen op het spreekuur van burgemeester mr. L. van Splunder veschenen om hem te spreken over hun grieven ten aanzien van de voorstellen op basis van de nota “Vechten tegen de bierkaai”. Het feit dat de burgemeesterskamer daarvoor niet op ruimte is gebouwd werd de bijeenkomst in de trouwzaal gehouden. Bij monde van de heren Plasman en Mulder, af en toe aangevuld door een enkele andere spreker, werden de bezwaren tegen het sluitingsuur en het niet meer verlenen van ontheffingen naar voren gebracht.

‘Maar waarom bent u niet eerder met suggesties gekomen. Die nota hangt al anderhalf jaar in de lucht en nu pas komt u met uw kritiek’, aldus de burgemeester.
Maar mevrouw Plasman reageerde met: ‘wij werken zeven dagen per week en hebben daar geen tijd voor!’ Hetgeen met ‘dat is onzin’ door de burgemeester werd afgedaan. De horeca-grieven waren in hoofdzaak gericht op het sluitingsuur dat wordt vastgesteld, de gevolgen voor de ondernemers.
‘De Papillon en de bewoners van het Oosteinde hebben voor het conflict gezorgd’, aldus de heer Mulder. ‘Bij ons komt nooit politie omdat het niet nodig is. Maar door de voorgestelde besluiten komt het er wel op neer dat mijn omzet met sprongen achteruit zal gaan. En dat terwijl ik net voor ƒ140.000,- heb laten verbouwen. Je kunt je zaak niet eens meer verkopen’.

Horeca spreekuur
Mevrouw Plasman voerde nog een ander argument aan, namelijk de waarde van het bedrijf bij overname. ‘U moet er rekening mee houden dat het bedrijf ons pensioen is. Het is voor ons van grote waarde als we het bij het ouder worden moeten verkopen. En wat bedoeld u met het zogenaamde “uitstervingsbeleid”? Wat hebben we er aan als we de zaak zouden verkopen en de vergunning wordt niet meer verleend. Dan is zo’n zaak toch niet meer verkoopbaar”?

De burgemeester gaf hiervoor tekst en uitleg voor het voorgenomen beleid.’Het begrip -uitstervingsbeleid- is verkeerd. Het gaat er om dat wij hiermee kunnen bepalen dat er in bepaalde buurten geen horecabedrijf meer kan komen. Maar als u uw zaak verkoopt is het heel goed mogelijk dat u de vergunning kan blijven houden. Daar hoeft u niet bang voor te zijn’. De heer Plasman vroeg zich af waarom het sluitingsuur niet wordt vrijgegeven. ‘Wij bezorgen u toch geen overlast? Maar als uw voorstel zal doorgaan zullen er heel wat nu al afgesloten contracten verbroken moeten worden.

Bovendien zal het betekenen dat er minstens dertig werkelozen in Hardenberg bij zullen komen’. De burgemeester wees er op dat de gemeente niet over één nacht ijs is gegaan. ‘We hebben overleg gepleegd met alle buurgemeenten in NO-Overijssel en hebben moeten constateren dat wij het ruimste ontheffingsbeleid van allemaal hebben.